Categoriearchief: Geschiedenis

Wat betekent de naam ‘Pinksteren’?

In onze taal is de betekenis van deze naamgeving minder evident dan bijvoorbeeld in het Engels, Frans of Spaans. Daar heet dit feest respectievelijk Pentecost, Pentecôte en Pentecostés. Deze naamgevingen zijn direct te herleiden naar het Oudgriekse woord voor vijftigste: Πεντηκοστή, wat getranslitereerd ‘Pentekoste’ is. Deze aanduiding is zeer feitelijk, want wanneer we Pasen (of Paaszondag) tellen als dag 1, dan is Pinksteren (of Pinksterzondag) inderdaad altijd dag 50. Pinksteren is dus gewoon de 50e dag vanaf Pasen. De naam ‘Pinksteren’ is daarmee niets anders dan een verbasterd telwoord, namelijk ‘vijftigste’ (dag vanaf Pasen). In het Vlaams wordt dit feest daarom ook wel aangeduid als ‘sinxen’, wat een verbastering is van het Franse woord voor vijftigste: cinquante, afgeleid van het Latijnse cinquagesima.

Maar waarom heet dit feest in het Nederlands dan toch ‘Pinksteren’ en niet bijvoorbeeld ‘Pentekosteren’? Laten we eens de naamgevingen ervan in de talen ten oosten en noorden van ons onderzoeken. In het Duits is het Pfingsten, in het Deens en Noors Pinsen en in het Zweeds Pingst. In zowel het Fries als het Gronings heet dit feest vandaag de dag nog altijd Pinkster, en in onze oude taal kwamen (geschreven) namen voor als pinxten, pincsten, pinxtren en pincxteren.

Zelf vind ik de naam ‘Pinkster’ veel beter dan ‘Pinksteren’. Het is niet alleen korter, maar de extra ‘-en’ aan het einde heeft volstrekt geen toegevoegde waarde. Waarom zouden we immers woorden onnodig lang maken? Dat is toch pure verkwisting! Hierop voortbordurend ben ik het dan ook volledig eens met Herman Finkers (1954) wanneer hij stelt dat de woorden ‘kinderen’ en ‘eieren’ eveneens veel beter zonder de geheel overbodige extra ‘-en’ aan het einde kunnen, maar dat terzijde.

De gangbare theorie is dat onze taal terug te leiden zou zijn naar het Grieks. Maar in het boek ‘Het Geheim van Genesis’ maak ik aannemelijk dat het juist andersom is, en dat het Grieks is voortgekomen uit Oud-Germaans. Latijn is echter wel voortgekomen uit het Grieks, en daarom is er ook zo’n groot verschil tussen de van oorsprong Romaanse talen, zoals Spaans en Frans, en de van oorsprong Germaanse talen zoals Duits en Nederlands. De aanduiding van de feestdag van morgen onderstreept dit nog eens. De talen met een sterke band met hun Germaanse oorsprong hebben de naam van deze feestdag namelijk gebaseerd op die van onze kleinste vinger. Dat is althans mijn theorie.

Tel eens op de vingers van één hand tot vijf. Welke vinger is de vijfde? Precies: de pink. Ook in het Duits en het Deens wordt deze vijfde vinger aangeduid met ‘pink’. En wanneer iedere vinger voor tien telt, dan telt de pink voor vijftig. Dat is dus mijn verklaring voor de naam “pink”-ster(en).

Auteur: Johan Oldenkamp
http://www.pateo.nl/HTML/NL/Bulletin/Nieuwsbrief171.htm

plaatje: https://en.wikipedia.org/wiki/Rat_Pfink_a_Boo_Boo

De flinterdunne illusie van vrijheid

anarchy_loveIn onze westerse samenleving hoor je regelmatig statements als “we leven in een vrij land” en “je bent een vrij mens omdat je kunt kiezen hoe je je leven inricht.” In eerste instantie lijken dit soort statements behoorlijk valide maar dat geldt slechts zolang je niet dieper de materie induikt. Dan blijkt vrijheid namelijk een gefabriceerde illusie met als enig doel een verhoging van de productiviteit van een individu. Hier kom ik later nog op terug nadat ik ingegaan ben op waarom de gedachte van vrijheid mijns inziens niet klopt. Verder lezen

Stemadvies wil ik niet en geef ik niet!

uncon-europe-borderVanmorgen zat ik de krant te lezen, op 6 april,  en nog steeds te twijfelen of ik wel of niet zou gaan stemmen. Tactisch stemmen leek mijn voorkeur te hebben, maar uiteindelijk bleek ik toch wel een andere manier gevonden te hebben om mijn twijfel weg te nemen.

De vorige dag ergerde ik met mateloos op facebook en verstatusde: “Facebook wordt een steeds grotere kliek van onruststokende nationalistische antiallespopulisten, bah, zeker in het verkeerde netwerk terecht gekomen, moet mijn modem maar eens resetten.”[2]

En ’s ochtends was het zover, na een advertentie gelezen hebbende in beide kranten[1] werd ik emotioneel, de tranen sprongen in mijn ogen, niet van de angst of woede, maar  van compassie. Compassie met mensen die proberen de wereld een stukje beter te maken. De wereld beter maken door via NGO’s, verenigingen en enthousiasme je handen uit de mouwen te steken, en bottom-up aan een andere betere en socialere wereld te bouwen, zonder oligargen, kapitalisten, communisten, populisten of wat voor -argen en -isten dan ook. En waarvoor sommigen zelfs van de wereld gehaald worden, door diezelfde argen en isten.

Zelf weet ik hoe het is om van onderaf te proberen de wereld beter te maken via allerhande verenigingen en organisaties[3] waar ik van binnenuit de boel probeer te verbeteren. Soms lukt dat, dan ben je jaren te vroeg, maar uiteindelijk komt het wel goed, dan ziet men in dat er toch een andere weg is. Jij bent dan niet meer in de picture, maar het is er wel van gekomen. Als je de wereld wilt verbeteren kan dat niet door overal ‘tegen’ te zijn, je moet, net zoals bij het opvoeden van je kinderen, het goede voorbeeld geven, laten zien dat het anders kan. Zelfs een aandeel in de Shell om ze groener te laten worden kan helpen.[4]

Daarom voelde ik die enorme compassie met die vrijwilligers en actievelingen in de Oekraïne, die voor een beter leven zijn, niet met 1 of 2 of 3 sterren, maar met alle sterren van de wereld. Zonder geldwolven (alsof we die in het westen niet hebben), zonder oorlog (alsof we die in het westen niet voeren), zonder armoede, (alsof we die in het westen niet kennen) en zonder populisten (alsof we die in het 6april-voorwesten niet horen).

Ja, daarom stemde ik voor.